Tatum op de thee bij CREATIEVE DRAAITOL LENNY MOESKOPS
Vandaag ga ik op de thee bij Lenny Moeskops. Als de deur van haar prachtige huis in Oud-Zuid opengaat, denk ik: welke kleurrijke vijftiger staat hier voor mijn neus? Maar wat blijkt: Lenny is 86! En in die 86 jaar heeft ze bepaald niet stilgezeten. Ze was danseres, mannequin, modeontwerpster en begon op haar zeventigste nog met fotografie. Ook op de socialsis ze behoorlijk actief. Samen met haar man woont ze al 34 jaar in dit huis. We drinken thee in het souterrain, zoals Lenny het zelf noemt: haar domein. Hier is ze nog altijd creatief bezig. Volgende maand verschijnt haar beeldbiografie Lenny Moeskops, Creatieve Draaitol. En dat blijkt een behoorlijk passende titel….
Wow, wat zie jij er fantastisch uit voor een 86-jarige! Wat is jouw geheim?
“Gewoon lekker leven. Ik ben een bezig bijtje. Ik denk dat als je gaat nietsdoen, je een beetje vastroest. Ouder worden komt van binnenuit. In je geest, maar ook in je lijf. Dat is nou eenmaal een gegeven. Je kunt ertegen vechten, je lippen laten opspuiten, van alles kun je laten doen tegenwoordig, maar je lijf takelt toch af. Om een beetje in balans te blijven en mijn spieren sterk te houden, ga ik trouw twee keer per week naar de sportschool. Gewichten, trekken en doen. Ja, en goede genen helpen ook.”
Je hebt van álles gedaan. Het begon ooit met dansen?
“Ja, als kind wilde ik al danseres worden. Maar op mijn vijftiende kreeg ik een hernia, dus dat dansen was even uit the picture. Later heb ik het weer opgepakt. Ik begon met een dansgroep en ben ook go-go-danseres in New York geweest. Maar destijds werd je als vrouw al snel die sekshoek ingeduwd. Dus heb ik er een zanger en een danser bij genomen. Zo kon ik ook een veel beter repertoire maken. Uiteindelijk heb ik vijftien jaar mijn eigen zang- en dansgroep geleid. Ik deed alles zelf: de choreografie, de boekingen en ik maakte alle kostuums. Ik heb altijd veel met mode gehad. Jarenlang was ik ook mannequinen fotomodel en deed ik modeproducties.”
En daarna ben je ook niet bepaald stil gaan zitten…
“Steeds ben ik weer iets nieuws gaan doen. Op mijn zeventigste ben ik met fotografie begonnen, volgde ik nog een opleiding en heb ik vijftien jaar serieus gefotografeerd. Ook ben ik drie keer de wereld over geweest.”
En volgende maand komt jouw boek uit: Lenny Moeskops, Creatieve Draaitol. Hoe ontstond dat idee?
“Een kennis van mij zei: ‘Jezus, wat heb jij allemaal niet gedaan? Daar moet een boek over komen.’ Eerst zou zij het schrijven, maar dat ging niet door. Toen dacht ik: dan doe ik het zelf. Ik ben naar de Schrijversacademie gegaan en volgde cursussen autobiografisch schrijven. Een beeldbiografie noem ik het. Ik heb mijn hele leven ontzettend veel met beeld gedaan en heb boeken vol foto’s. De beelden ondersteunen de verhalen. Ook reizen die iets met mijn creatieve leven te maken hebben, komen erin terug. Om de zoveel jaar doe ik weer iets anders, vandaar de titel Creatieve Draaitol. Op 9 december signeer ik mijn boek tijdens een high tea bij Brasserie De Joffers, waar mensen het ook kunnen bekijken en kopen.”
Wat hoop je dat mensen uit jouw boek halen?
“Dat je bezig moet blijven. Dan is het leven zoveel leuker dan wanneer je gaat zitten en denkt: zo, ik ben gepensioneerd. Ik haat dat woord trouwens. Je moet nieuwsgierig blijven. Steek je kop hier en daar om de hoek en dan vind je altijd weer nieuwe dingen. Want het moment dat je door ouderdom echt niets meer kunt, komt toch wel.”
Je woont dus al heel lang in Amsterdam. Heb je de stad erg zien veranderen?
“Zeker. Hiervoor woonde ik aan de Leidsekade en ik woon nu zo’n 34 jaar in dit huis, in Oud-Zuid. Ook deze buurt is enorm veranderd. Het is veel drukker en ik vind het eerlijk gezegd slecht onderhouden, met veel losse stoeptegels, je kunt je nek breken als je niet oppast. Maar het blijft een heerlijke buurt om te wonen, met prachtige huizen. Alleen worden steeds meer huizen verkocht, helemaal leeggetrokken en verbouwd. Dan hebben mensen vier verdiepingen en moet er óók nog een onderkeldering bij. Dan denk ik: jongens, hoeveel ruimte heb je nodig?”
En zelf wonen jullie hier met z’n tweeën op vier verdiepingen?
“Ja, ik woon hier met mijn echtgenoot. Eigenlijk bewoon ik het maar driekwart. Dit souterrain is mijn domein. Hier maakte ik hoeden, tassen en kleding voor mijn eigen modemerk Le Mô Design. Het is momenteel een beetje rommelig, want ik ben nog bezig de laatste hand aan mijn boek te leggen.”
Op de achterkant van je boek staat: ‘Niet zeuren bij tegenwind en gewoon doorgaan.’
“Dat is mijn motto. Natuurlijk mag je best even zeuren. Gewoon vijf minuutjes. Als ik vriendinnen zie, hebben we het even over onze knie of over wat er allemaal aan de hand is. Maar daarna moet het ook klaar zijn. Dan zeggen we: naar welk museum zullen we gaan? Wat zullen we doen?
”Wanneer heb jij zelf het hardst tegen de wind in moeten fietsen?“
Toen mijn oudste dochter overleed. Ze werd 47 jaar. Dat is iets wat je als ouder natuurlijk niet wil meemaken. Ze was zo’n mooi persoon en ook zo creatief. Ze zou nu 65 zijn geweest. Ik heb ook hard moeten knokken om danseres te worden, ondanks een hernia. En vroeger, als je als vrouw trouwde, werd je toch min of meer geacht huisvrouw te worden. Dat wilde ik helemaal niet, maar ja, ik werd het toch. Uiteindelijk ben ik via allerlei baantjes weer gaan doen wat ik wilde doen. Ik ben eigenlijk altijd behoorlijk eigenwijs geweest.”
Ben jij jong getrouwd?
“Ja, met mijn eerste man ben ik tien jaar getrouwd geweest. Daarna was ik twaalf jaar vrijgezel. Op mijn 42e ontmoette ik Henk, mijn huidige echtgenoot, in de kroeg.”
Gaan jullie Zuid ooit uit?
“Mijn echtgenoot is wat honkvaster dan ik. Ik zou best kunnen verhuizen, wel het liefst in deze buurt. Maar zo’n groot huis is op een gegeven moment toch wel veel.”
En wat heeft de creatieve draaitol nog meer in petto?
“Van mijn oude portretseries ga ik collages maken. Ook ga ik weer tekenles nemen. Daarnaast ben ik bezig met een optreden met muzikanten en een man die gedichten declameert. Dat heet Swing & Schwung. Ik zing en babbel de boel aan elkaar. In het Ramses Shaffy Huis hebben wij al opgetreden. Superleuk!”
Wat wil je later worden als je groot bent?
“Ik heb al zó veel gedaan, ik ben eigenlijk best gelukkig met wat ik doe en wie ik ben. Wat ik wel naar vind aan ouder worden, is dat je langzamerhand steeds meer mensen verliest. Vriendinnen worden ziek, mensen om je heen gaan dood, dan sta je er toch wat meer bij stil dat het eind in zicht komt. Je hebt niet meer zoveel voor je, je hebt meer achter je. Maar ja, daar kun je niets aan doen. Dat is het leven. Dus: blijf gewoon bezig. Lekker draaitollen.”

